Waar komt de Nederlanderse bevolking vandaan?
Website > Herkomst
De bevolking van wat nu Nederland is, is door de eeuwen heen opgebouwd uit veel verschillende groepen. Er is geen enkel “oorspronkelijk Nederlands volk”; de bevolking veranderde voortdurend door migratie, handel, oorlogen en economische kansen. In grote lijnen ziet het er zo uit:
Prehistorie en vroege bewoners
De eerste moderne mensen kwamen na de laatste ijstijd naar het gebied van Nederland, ongeveer 12.000 jaar geleden.
Deze jagers-verzamelaars werden later aangevuld door boeren uit Midden- en Zuid-Europa die landbouw meebrachten.
Daarna kwamen Indo-Europese groepen die talen en culturele invloeden verspreidden.
Romeinse tijd (ca. 50 v.Chr. – 400 n.Chr.)
In het gebied leefden verschillende stammen:
- Bataven
- Friezen
- Cananefaten
- Saksische en Frankische groepen
De zuidelijke helft van Nederland hoorde bij het Romeinse Rijk. Soldaten, handelaren en ambtenaren uit allerlei delen van Europa en Noord-Afrika kwamen daar terecht.
Vroege middeleeuwen
Na de val van Rome trokken nieuwe Germaanse groepen het gebied binnen:
- Franken (vooral zuiden en midden)
- Saksen (oosten)
- Friezen (kustgebieden)
De Franken kregen uiteindelijk veel invloed; uit hun rijk ontstonden later delen van Frankrijk, België, Duitsland en Nederland.
Middeleeuwen en handelssteden
Door handel groeiden steden zoals:
- Amsterdam
- Rotterdam
- Utrecht
Kooplieden, ambachtslieden en religieuze minderheden kwamen uit:
- Duitse gebieden
- Vlaanderen
- Scandinavië
- Engeland
- Joodse gemeenschappen uit Spanje, Portugal en later Oost-Europa
Gouden Eeuw (17e eeuw)
Tijdens de Nederlandse Gouden Eeuw werd de Republiek een handelsmacht. Daardoor kwamen migranten uit:
- Duitsland
- Vlaanderen en Brabant (veel protestanten vluchtten voor oorlog en vervolging)
- Frankrijk (Hugenoten)
- Portugal en Spanje (Sefardische Joden)
- Koloniën in Azië, Afrika en Amerika
Nederland was toen relatief tolerant, wat immigratie stimuleerde.
19e en begin 20e eeuw.
De bevolking groeide vooral door natuurlijke aanwas. Daarnaast kwamen:
- Duitse arbeiders
- Belgische migranten
- Joodse vluchtelingen
- Mensen uit de koloniën, vooral uit Indonesië
Na de Tweede Wereldoorlog
Na Tweede Wereldoorlog veranderde de samenstelling opnieuw sterk:
- Indische Nederlanders uit voormalig Nederlands-Indië
- Arbeidsmigranten uit Turkije en Marokko
- Migranten uit Suriname en de voormalige Nederlandse Antillen
- Vluchtelingen en arbeidsmigranten uit allerlei delen van Europa, Afrika en Azië
Recent ook veel migratie uit Oost-Europa, vooral Polen
Genetisch en cultureel
Genetisch lijken Nederlanders het meest op andere Noordwest-Europeanen:
- Duitsers
- Belgen
- Britten
- Scandinaviërs
Maar binnen Nederland bestaan ook regionale verschillen:
- Friezen hebben deels een eigen historische ontwikkeling.
- Limburg en Brabant hebben meer zuidelijke invloeden.
- De Randstad is historisch het meest internationaal gemengd.
Kort samengevat: de Nederlandse bevolking is ontstaan uit een voortdurende menging van lokale bewoners, Germaanse stammen, Europese migranten en later ook mensen uit voormalige koloniën en de rest van de wereld.