Waar komt de Roeleveld vandaan?
Website > Herkomst
In de oudste documenten wordt gesproken van: van (de) Roerevelt. Vooral in de Haagse tak wordt de spelling met een r in plaats van een l lang volgehouden. Hoe is de r verdrongen en door een l vervangen?
In de taalkunde worden medeklinkers verdeeld naar de wijze van voortbrenging. De l en r zijn zogenaamde liquidae of vloeiende klanken. De uitspraak van de r kan daardoor gemakkelijk in een l veranderen en omgekeerd. Denk ook aan Scheveringen en Schevelingen.
In de taalkunde worden medeklinkers verdeeld naar de wijze van voortbrenging. De l en r zijn zogenaamde liquidae of vloeiende klanken. De uitspraak van de r kan daardoor gemakkelijk in een l veranderen en omgekeerd. Denk ook aan Scheveringen en Schevelingen.
De voornaam Krijn
De voornaam Krijn komt vooral voor bij de eerste voorvaderen. Krijn is afkomstig van Quirinus, een heiligennaam van Griekse of Latijnse oorsprong en wordt het eerst in Holland in 1506 gevonden. Quirinus komt in vele varianten voor: Krien (Groningen, Limburg en Zeeland), Krijn of Kryn (fries) en uit Duitsland (Rijnstreek) Krein, Krien, Krienes.
Deze naam komt vooral veel voor in de Rijnstreek (Duitsland) rond Keulen, afkomstig van Quirines van Neuss, een Romeinse tribuun, die een hoofdfiguur is in een oude legende.
De voornaam Krijn komt vooral voor bij de eerste voorvaderen. Krijn is afkomstig van Quirinus, een heiligennaam van Griekse of Latijnse oorsprong en wordt het eerst in Holland in 1506 gevonden. Quirinus komt in vele varianten voor: Krien (Groningen, Limburg en Zeeland), Krijn of Kryn (fries) en uit Duitsland (Rijnstreek) Krein, Krien, Krienes.
Deze naam komt vooral veel voor in de Rijnstreek (Duitsland) rond Keulen, afkomstig van Quirines van Neuss, een Romeinse tribuun, die een hoofdfiguur is in een oude legende.
Herkomst oudste voorvader
Bij de doop van Anthonie in 1632 wordt als zijn vader Abraham Krijns vermeld. In de veronderstelling, dat hij de broer van Jacob, gedoopt in 1640, is, is het denkbaar dat zijn vader Abraham en/of grootvader Krijn omstreeks 1600 naar Den Haag is gekomen en zich daar gevestigd heeft.
Waar kwam hij vandaan?
Het is gevaarlijk zonder voldoende bewijzen te speculeren over de herkomst van de eerste Roeleveld familie in Den Haag. Daarom vermeld ik hier diverse mogelijkheden en suggesties die vanuit verschillende bronnen mij ter ore zijn gekomen.
Het is gevaarlijk zonder voldoende bewijzen te speculeren over de herkomst van de eerste Roeleveld familie in Den Haag. Daarom vermeld ik hier diverse mogelijkheden en suggesties die vanuit verschillende bronnen mij ter ore zijn gekomen.
1. Immigranten uit Duitsland??
Het is mogelijk dat de oudst bekende stamvader is uitgeweken vanuit Duitsland naar Nederland om oorlogsgeweld, gewetensdwang en armoede in zijn geboorteland te ontvluchten. Een aanwijzing hiervoor is de handtekening van Abraham Roerevelt. Abraham schrijft de R in het oud-Duitse schrift, die lijkt op onze W.
Nog een aanwijzing
Nog een aanwijzing
Abraham, Antony Jacobs (ca. 1694-1732), trouwde en woonde in Loosduinen. Zijn zoon, Abraham (1719-1748), werd gedoopt in de Kloosterkerk en trouwde op 13 juni 1739 in de Hoogduitse Evangelische kerk te Den Haag met Jannetje van Harlingen. Ook zijn dochter Willemina trouwde in deze Duitse kerk. Dit huwelijk werd in het kerkelijk register als volgt beschreven:
Pieter Tieleman Gerard Pistoor j.m. geboren te Duisburg aan de Roer met Willemina Roerevelt j.d. geboren en "beijde wonende alhier" (21 juni 1778). Het echtpaar Pistoor - Roerevelt is later verhuisd naar Duisburg. Uit de doopregisters van de Salvatorkirche te Duisburg blijkt hun zoon Abraham op 23 augustus 1786 aldaar gedoopt te zijn. Willemina werd daar ingeschreven als Wilhelmina Ruhrfeld
Gedeelte van het uit het doopregister van de Salvatorkirche te Duisburg (Duitsland) van 23 augustus 1780
De navolgende mogelijkheden zijn
- De oudste voorvader Krijn is afkomstig uit het Ruhrgebied gezien het veelvuldig voorkomen van deze voornaam in dit gebied en de klankverwantschap met onze familienaam.
- Ook de rivier de Roer heeft deze klankverwantschap.
- Onze voorvader is afkomstig uit de plaats Rühlerfeld, een plaats ten zuidoosten van Emmen net over de Nederlands - Duitse grens. Deze suggestie vermeld ik alleen vanwege de gelijkenis met de familienaam.
- Er zijn ook bronnen die melden dat de stamvader afkomstig was uit Saksen
2 Uit de omgeving van Oudewater?
Er wordt melding gemaakt van een wijninkoper met de naam Roeleveld uit Oudewater. Deze woonde hier omstreeks 1700 en kocht de wijn in uit de omgeving van Düsseldorf in Duitsland. Tevens wordt gemeld dat in de omgeving van Oudewater een riviertje of watertje ligt met, in de volksmond, de naam Roer.
3 Uit de omgeving van Woerden?
Waar en/of er een verbinding is tussen de Haagse/Scheveningse tak die over het algemeen behoort tot de protestantse geloofsgemeenschap, en de rooms-katholieke tak, welke afkomstig is uit en rond Woerden, is mij niet bekend. Wel zijn er de volgende mogelijkheden:
Waar en/of er een verbinding is tussen de Haagse/Scheveningse tak die over het algemeen behoort tot de protestantse geloofsgemeenschap, en de rooms-katholieke tak, welke afkomstig is uit en rond Woerden, is mij niet bekend. Wel zijn er de volgende mogelijkheden:
- In 1800 is een Roeleveld naar Groepenbrug, bij Woerden, verhuisd nadat hij op zee al zijn broers en vader verloren had. In Groepenbrug is hij boer geworden.
- Andere bronnen melden dat reeds rond 1717 een zekere Dirk Roeleveld in Woerden woonde. Zijn kinderen trouwden omstreeks deze tijd in Woerden en Oudewater.
Opmerkelijke gelijkenissen:
Ten westen van Zoetermeer aan de grens tussen de hoogheemraadschappen van Delfland en Rijnland ligt de polder "Roeleveen". Deze naam komt voor op een kaart van dit gebied uit 1687. De naam Roeleveen is afkomstig van "Jan Roelenssoensveen" een stuk veen dat in 1443 door de hoogheemraden van Delfland is aangekocht.
Of er verband is tussen de naam Roeleveen en Roeleveld is uit niets gebleken. Mogelijk is Roeleveld een verbastering of is er sprake van een veldnaam binnen het gebied Roeleveen.
4 Roervelt uit Utrecht. (Bron Juan Roeleveld)
Naast de Scheveningse tak Roeleveld is er ook een (grote) tak Roeleveld uit Utrecht en omstreken. En deze tak zit er in ieder geval al sinds 1572 en waarschijnlijk nog eerder. Helaas is het nog niet gelukt om aansluiting te vinden met de Scheveningse Roelevelden. Verder is er een Roervelt tegen in Doetinchem in het Gelders Archief d.d. 19 april 1453 en een zegel van ene Hector Jacobssoen van Roervelt, lid van de Duitse Orde te Utrecht d.d. 3 juni 1572.
De beschrijving van deze zegel is als volgt: Wapen: Golvend doorsneden, boven een scheepsroer, komend uit de doorsnijdingslijn, beneden vijfmaal golvend doorsneden. Gewende traliehelm met wrong. Het scheepsroer tussen twee olifantstrompen.
Randschrift: /.S.[HECTO]R.VAN.ROERVELT./
Zegelaar: Roervelt, Hector Jacobssoen van
Materiaal: was, Vorm: rond, Lengte: 1163 mm, Breedte: 1000 mm, Diameter: 37 mm
Kleur: groen
Deze zegel kwam voor op de eigendomsbewijzen van het huis de hoern op de Springweg bij het Duitse Huis te Utrecht (3 juni 1572).
Wat opvalt, is dat de familie Roervelt / Roeleveld niet onbemiddeld was en ook vooraanstaande functies hadden. Aanstelling als schout (burgemeester) van Vlissingen, aanzienlijke hoeveelheden grond bezaten, lid van de Duitse Orde[i] (dat werd je ook niet zomaar), etc. Er zou dus meer over deze voorvaderen (?) te vinden moeten zijn.
Roerevelt in Scheveningen:
Ook de Scheveningse tak was, zeker in het begin niet onbemiddeld:
Abraham Jacobsz. Roerevelt had de monopolypositie van de marktwagen op Scheveningen (periode november 1729 tot 15-10-1753), terwijl hij tevens recht had op het grote (= Leidse en Haarlemse wagenveer) en kleine (= Delftse en Scheveningse wagenveer) wagenveer. Uit de boedelbeschrijving van 23-11-1748 blijkt dat hij voor de uitoefening van deze functies beschikte over vier open wagens, een koetswagen, een faëtonwagen, een kar en zes paarden met stallingen, tuig, gereedschap, haver en hooi. Uit de boedelacte van 1748 blijkt ook dat hij in Nootdorp en Zoetermeer kwam. Was hij mogelijk in dienst van Van der Hack of Van der Hoek en leerde hij zo ´het klappen van de zweep´ kennen.
Volgens het Rijksarchief in Den Haag, was hij in het jaar 1731 verder eigenaar van een huisje met een huurwaarde van f. 25,-- verpondingsnr. 212, dat is de oostzijde van de Weststraat.
Vermaas II, blz. 240-246 geeft veel informatie over het beroep van de voerlieden te Scheveningen. De voerlieden te Scheveningen werden door Schout en Burgemeesteren benoemd. Hun rechten en verplichtingen waren in een keur, o.a. van 1724, neergelegd. Hun aantal was beperkt en zij hadden een verschillende taak. In de eerste plaats moesten zij de vis naar het strand van Scheveningen brengen wanneer de schepen benoorden of bezuiden het dorp waren geland. Er bestond een tarief voor beloning. Als de voerman vergeefs werd geroepen, moest de stuurman toch de rit betalen. In de tweede plaats bracht hij de vis naar de markt in Den Haag.
Het recht, of beter het voorrecht om als voerman te mogen fungeren, had een bijzondere betekenis.
De voerlieden gingen in hun vrije tijd ook uit vissen. Zij lieten dan een paard met sleepnet dicht bij de kustlijn door het water trekken. Een keur van 1724 verbood de voerlieden des Zondags of op andere kerk- of feestdagen uit te gaan om te singelen (= een paard de buikriem omdoen) of te vissen “naar den middag voor dat de klok 5 uuren heeft geslagen”.
5 Het Gelders archief
Gelders Archief: Datering: 1453 april 19 (feria quinta proxima post Dominicam Misericordia Domini)
314 Klooster Bethlehem bij Doetinchem[i]
Inventaris 5. Regesten
N.B. Alle door Sloet genummerde stukken, deels alleen in afschrift in het cartularium, plus enkele ongenummerde verwijzingen.
5.07. 1451-1475
Favoriet Plaats een aantekening Delen Reageren Print knop Archiefdienst
536 Harman die Boeze, richter in het ambt van Doisboirch, oorkondt, dat Mense Geritsoen verkocht en overgedragen heeft aan proost en convent van het klooster van Bethlehem bij Doetinchem het alinge erfnis Lutticke Mallant in Angerloebroick in het kerspel Angerloe, door hen gekocht van Roervelt de jonge en echtgenote Elsabe en Henrich Vosse en echtgenote Aleyde, gelegen tussen kapel Lathem en Houwert, schietend op her Evert ten Brinck in vicarie Angerlo en op Veltstrate, in hoog, laag, nat, droog, met eggen en einde in Angerlobroek, emt behoud van de dijk voor hem. Lude Henrich Vosse, Ingnem Geritsoen
Datering: 1453 april 19 (feria quinta proxima post Dominicam Misericordia Domini)
NB: Het inventarisnummer is gelijk aan het regestnummer. Zie Cartularium (inv.nr, 976) 89v.
Het stuk is zeer beschadigd.